More About This Website

spot is de voortzetting van ernst, met andere middelen

 
Subscribe
Login
Powered by Squarespace
Egidiuslied

Constantijn Huygens
1596-1687

's Gravesande

Al swoer ick wat ick was, ick vonde nauw geloof;
Wie t' sGravesande voer vertrock wel eer te Hoof.
Mijn' Sandvloed heb ick sints mijn' Sondvloed moeten noemen,
En 'sGraven Marmeren in Duynen sien verdoemen.
Nu zijnder dat ick was. Maer daer de kloot op gaet
Is een bedenckelick punt; Soo is de tijd die staet,
En Nu is nu verby, en Zijn en is maer vlieten,
Herdenkens achter-om het stadighste genieten;
Stelt Was en Is by een, wat scheelt den Haegh en ick?
Een' tegenwoordigheit, geen thiende van een' snick.

‘s Gravenzande

Zelfs als ik het bezweer, wil men mij amper geloven:
Kwam men te ‘s Gravenzande, was men er te ’s graven hove.
Erna heeft mij de zandvloed als een zondvloed onderworpen,
De oude burcht begraven, nieuwe duinen opgeworpen.
Nu zijn er wat ik wás. Doch waar het ros rijdt
Daar is het al voorbij. Aldus ook vliegt de tijd:
Voorbij zonder besef, een eindloos, rustloos vlieten,
En blijft alleen herinnering als bron van het genieten.
Zet ‘was’ en ‘is’ bijeen – wat wint Den Haag op mij?
Een ademtocht wellicht, dan is die wedloop ook voorbij.

---

Meer ‘stedestemmen’: zie rechterbalk, Huygens

Voor info over de auteur en het origineel:
http://www.dbnl.org/auteurs/auteur.php?id=huyg001