More About This Website

spot is de voortzetting van ernst, met andere middelen

 
Subscribe
Login
Powered by Squarespace
Egidiuslied

Haerlem

Al heb ick t'mijner tijd der Vorsten Hof gevoedt,
't Is mijn geringste roem, mijn hooghste staet in 't bloed,
Der Goddeloosen bloed; van doen mijn' Staele kielen
Haer Ys'ren Haven-touw aenvaerdden te vernielen.
t'Huys heb ick oock voor God, voor goed en vryigheit
Mijn' Borgeren gewaeght, en Spagnen noyt gevleidt.
Zijn 't koele wonderen, en hoorens' and're meer toe;
Van 't allerwonderste komt my alleen de eer toe,
Geen ongesiener naem, geen aengenamer stuck;
'k Heb konst en konstenaers geholpen in den Druck.

--- 

Haarlem

Al heb ik in mijn tijd een vorstenhof gevoed,
Meer roem bracht mij het Muzelmannenbloed,
Dat spoot toen ik mijn bodems zag vernielen
Damiate’s havenketting met hun stalen kielen.
Tehuis heb ik voor God, voor goed en vrijheid
Mijn burgerij gewaagd en Spanje nooit gevlijd.
Al deden anderen gelijk, wellicht met groter gloed,
Het beste van mijn best heeft zijns gelijke niet ontmoet.
Hoe zwart op wit die naam! Riekend naar inkt en plicht.
Maar wat al wordt gedrukt, ziet door mijn raam het licht.


Voor informatie over auteur en origineel:
http://www.dbnl.org/auteurs/auteur.php?id=huyg001