Goude
Myn' Gouwe voert meer Gouds, mijn' Yssel meer gewins
Dan Tagus gulde grond ter borse van sijn' Prins.
'k Heb meer van hun te bat: Doe mijn' gebuer-Stadt brandden,
En baedden in haer bloed haer' moordenaeren handen,
Ontswom ick hun geweld, en duyckten in mijn' Gouw,
En kroôp mijn' Yssel diept' ten hals toe in de mouw.
Spijt Spagnen dan, ick sta: Ook sonder d'oude mueren
Van 't Kastelijns gebied. Wie zijt ghy mijner Bueren
Die door den neus noch spreeckt, en my 't gebreck verwijt?
Ick segge t'mijnen roem', 'k ben Brill en brillen quijt
---
Gouda
Mijn Gouwe voert meer Goud, mijn IJssel meer beloning
Dan Spanje uit de Taag zift tot luister van zijn Koning.
Ik schuld mijn water meer: toen buurstad Oudewater brandde
En burgerbloed er verfde rood die moordenaars hun handen,
Ontdook ik zwemmend het geweld in mijn getrouwe Gouwe,
En school ik in de IJssel diep, met Man en Macht en Vrouwen.
Het Spaans geweld kreeg mij niet kort, al mis ik ook de muren
Van wat de Dwangburcht was. Wie ben je, brave buren,
Dat je laatdunkend kijkt, mij zijn verbrokkeling verwijt?
Breidel en bit smaken de hit - de Vrijheid is ze liever kwijt.
